Bestuurder Jurjen Sponselee blikt terug op eerste maanden Coronaperiode

In de nieuwsbrief van de GGDGHOR is een interview te lezen met bestuurder Jurjen Sponselee. Hij vertegenwoordigde tijdens de intensieve Coronaperiode de Thuiszorgorganisaties in het Kernteam InfectieZiekteBestrijding-overleg. Mede vanuit zijn functie als bestuurder van Het Spectrum representeerde hij, samen met Johan Groen van PZC Dordrecht, ook de Verpleeg- & Verzorgingshuis sector.

Jurjen is een bestuurder die zich enorm verantwoordelijk voelt voor het wel en wee van bewoners, klanten en de veiligheid van het personeel. “Ik heb nachten wakker gelegen. Maak ik (met mijn team) de juiste keuzes over kwaliteit van leven en de gezondheid van iedereen? Net zoals bij vele partners was de inzet van PBM aan het begin van de coronacrisis een vraagstuk. Vooral een ethische: hoe ga je om met dementerende bewoners die je niet kan instrueren afstand te houden van je collega’s en medebewoners. Daar heb ik veel stress van ervaren.”

Alle hens aan dek

Terugkijkend naar de start van de coronacrisis kan Jurjen concluderen dat ze binnen Het Spectrum direct alle hens aan dek hadden. “Normaal overkomt een crisis je, maar nu zagen we hem aankomen vanuit Brabant. Wij hadden 13 maart een vermoeden van een besmette klant in de dagbesteding. Meteen zijn we in Het Spectrum in crisisoverleg gegaan. Het was een bijzondere casus: de klant was vervoerd met vrijwilligers en zat vervolgens in een ruimte met meerdere klanten om zich heen. Diegene kreeg ook meerdere thuiszorgmedewerkers in de thuissituatie over de vloer.”
“We hebben direct contact gezocht met de GGD, we voelden ons verantwoordelijk om de mensen om die klant heen te waarschuwen. Zo begon het. Vervolgens in de oploop naar medio april volgden er meerdere besmettingen, zowel binnen de verpleeghuislocaties als ook in de thuiszorg.”
“Vanaf medio maart zijn wij continue in crisisoverleg geweest en hebben we beslissende keuzes moeten maken. Binnen Het Spectrum hadden we een coronacomité opgericht. Belangrijke zaken als het vertalen van de RIVM richtlijnen naar onze locaties en de communicatie werden opgepakt. De communicatie is breed en veelvuldig ingezet: zowel intern als richting de families en naasten van bewoners en naar onze vrijwilligers. Dat gaf veel helderheid.”

Gezamenlijke vijand

Ondanks de crisis zijn er ook mooie dingen ontstaan. “Want een gezamenlijke vijand verbindt,” vindt Jurjen, “ik ben trots op al die mensen die al die maanden keihard hebben gewerkt. We hadden onder andere drie fulltimers op PBM gezet, collega’s die normaal andere taken uitvoeren.”
“Wat betreft de thuiszorgactiviteiten moesten wij besluiten alleen de meest noodzakelijke handelingen te verrichten. Dat maakte wel dat we daarmee capaciteit konden vrijspelen en inzetten binnen onze verpleeghuizen.”
“Tevens hebben we aanspraak gemaakt op “extra handen voor de zorg”. Een mooi initiatief waarvoor zorgmedewerkers zich konden aanmelden. Van daaruit hebben zes mensen ons geholpen.”

Positiviteit in de keten

Jurjen: “Ik ben trots op onszelf! Hoe we ons samen door de crisis hebben gemanifesteerd en van alles mogelijk gemaakt hebben aan faciliteiten. De flexibiliteit om boven je eigen organisatie te kijken, zag je bij iedere partner in onze keten terug. Met elkaar hebben wij aan de gehele keten bijgedragen, zoals bijvoorbeeld met de ziekenhuizen, de GGDGHOR, de verpleeghuizen en de thuiszorg. Er was zoveel bereidheid om elkaar te helpen.”

Welzijn cliënten en personeel

“Hoe we dit gaan voortzetten, mocht zich een tweede golf voordoen?”, vervolgt Jurjen, “daar heb ik nu nog geen antwoord op, maar we kunnen ons er wel op voorbereiden. Ik maak daarbij de kanttekening dat we wel de zorg hebben voor de collega’s en hun belastbaarheid.”

“We hebben schrijnende ervaringen meegemaakt, zowel voor het personeel als voor families. Ik hoop dat we voor de hele sector de ruimte krijgen om even op adem te komen. Daarvoor hebben we zeker aandacht. We zijn richtlijnen aan het maken en dat voelt soms dubbel. Want je moet scherp blijven terwijl je de teugels heel graag wilt laten vieren.”

“De bezoekregeling vanuit de overheid gaf daarin duidelijkheid. Met de daling in besmettingen en de verruiming van de maatregelen bekeken we telkens wat mogelijk was binnen de organisatie. Het vraagt wel wat om het veilig te kunnen doen. We zijn versneld versoepeld, met daarbij het welzijn van alle bewoners, klanten en personeel hoog in het vaandel.”

Tekst Tamara Schiedon (GHOR/Veiligheidsregio ZHZ)